Anjum, Michaëlkerk
|
||
| Driedaagse excursie 14 augustus 1998 Najaarsexcursie 24 september 2005 |
||
| 1667 |
| Het eerste orgel in deze kerk bestond uit Hoofdwerk en Rugwerk en was gebouwd door Coenraad Bader. Hij begom hiermee in april 1967. Het zou een Hoofswerk, een Rugwerk, een vrij pedaal en 11 registers krijgen. De behuizing werd door Jacob Cornelis gemaakt, het snijwerk door Pijter Pijters. Bader stierf echter in december 1967 en ligt in deze kerk begraven (onder het orgel). Op zijn grafsteen staat vermeld: |
| Anno 1667 den 12 december sterf den Eersame mr. Orgelmaker Coenraad Baarden out omtrent 42 jaren ende leit hieronder syn nieuw aangevangen orgel begraven. |
| 1668 |
| Het orgel werd voltooid door Harmen Jansz. Camp uit Berlikum. Dit gebeurde geheel volgens het reeds opgemaakte bestek en contract. Het aanvullende contract dateert van 1 februari 1668. Op 17 augustus 1669 werd het orgel gekeurd door drie organisten: Tjeerds Riemersma uit Dokkum en Jan Apckes en Meijnert Egberts te Leeuwarden. |
| 1684-1686 |
| Tijdens een orkaan in 1681 storte de toren in waarbij ook het orgel werd vernield. De herbouw van het orgel wordt uitgevoerd door Harmen Jansz. Camp uit Berlikum en was in 1686 gereed. |
| 1725 |
| Orgelmaker Johannes Radeker brengt een nieuwe lade aan waarop een nieuwe Trompet 8' kwam te staan. |
| 1749 |
| Restauratie door Albertus Anthony Hinsz uit Groningen. Hij voorziet het orgel van een nieuw pedaal. |
| 7 juli 1871 |
| Het orgel wordt te koop aangeboden. |
| 1 april 1874 |
| Verkoop van het orgel der Herv. gemeente te Anjum. Het Hoofdwerk gaat naar de Gereformeerde gemeente in Lioessens en het Rugwerk gaat naar de Gereformeerde kerk vrijgemaakt in Kollum. |
| 1874/1875 |
| L. van Dam & Zn. uit Leeuwarden bouwt een nieuw orgel. Het fraaie orgel bestaat uit Hoofdwerk, Bovenwerk en vrij pedaal en telt 22 stemmen. Het wordt op 16 februari 1875 in gebruik genomen met een bespeling door J. Roorda jr, koster, organist en secretaris van de Kerkvoogdij te Anjum. |
| 1977 |
| Restauratie van de lade van het Bovenwerk door Fa. Gebr. van Vulpen te Utrecht. |
| 1985 |
| Restauratie van het overige gedeelte van het orgel door Fa. Bakker & Timmenga uit Leeuwarden. Het orgel is eind juni 1985 weer in gebruik genomen met een bespeling door Theo Jellema. |
| Dispositie |
| Hoofdmanuaal, C - g''' | Bovenmanuaal, C - g''' | ||||||
|
Bourdon Prestant Viola D Holpijp Octaaf Roerfluit Quint-Prestant Cornet D Octaaf Trompet B/D |
16' 8' 8' 8' 4' 4' 3' 3 st. 2' 8' |
Salicionaal Viool de Gamba Roerfluit Salicet Flûte Travers Woudfluit Klarinet |
8' 8' 4' 4' 4' 2' 8' |
||||
| Pedaal, C - d' | Werktuigelijke registers | ||||||
|
Subbas Octaaf Gedekt Octaaf Bazuin |
16' 8' 8' 4' 16' |
Ventiel Tremulant 3 afsluitingen Koppelingen: HM-BM, P-HW De dispositie is nog geheel origineel. |
|||||
| Suite gothique opus 25 - Toccata Léon Boëllmann (1862-1897) |
| Organist | : | Theo Jellema, Leeuwarden |
| Duur | : | 3 minuten en 54 seconden |
| Bron | : | Eigen liveopname uit 2005 |
| Producent | : | Webmasters Stg. Organum Frisicum |
![]() |
![]() |
|||
|